
Kaderwet diervoeders
Artikel 22
1
Onze Minister kan bepalen dat van voormengsels, toevoegingsmiddelen, vervangende voederproteïnen en diervoeders door bereiders, be- of verwerkers, verpakkers, vervoerders, handelaren of vervoederaars monsters worden genomen.
2
Artikel 19 is van overeenkomstige toepassing met betrekking tot deze monsters.
3
Bij ministeriële regeling kunnen regelen worden gesteld omtrent de wijze en omvang van de monsterneming alsmede de periode gedurende welke de monsters worden bewaard en de wijze waarop.
4
Het is verboden te handelen in strijd met het bepaalde krachtens het eerste en derde lid.
Jurisprudentie bij dit artikel
- Hieronder wordt een selectie van de bijbehorende jurisprudentie getoond.
- Geen resultaten gevonden voor de door u opgegeven zoek termen.